+1-888-123-1234 info@blizzz.nl

Menu
Steekvliegen / Dazen

De vrouwelijke daas …een bloeddorstige schoonheid.

Horsefly extreme macro
De Daas (ook wel Brems of steekvlieg genoemd) is lid van de familie van de Tabanidae (zie ook www.wikipedia.com). Het zijn bloedzuigende insecten waarvan er wereldwijd wel 8000 verschillende soorten bekend zijn – in Nederland komen een 35-tal verschillende soorten voor. Ze hebben grote ogen, hebben meestal een mooi kleurenpatroon en het zijn forse, stevig gebouwde vliegen. Het zijn visuele jagers en alleen de vrouwtjes steken om met het bloed voldoende energie te verkrijgen om hun eieren te kunnen leggen. De vrouwtjes hebben een gevaarlijke steeksnuit, waarmee ze zelfs door je kleding heen kunnen steken. Om het stollen van het bloed te voorkomen komt tijdens het steken speeksel vrij, wat jeuk en het opzwellen van de huid veroorzaakt. Vooral vee (paarden, koeien) heeft veel hinder van dazen – als er niet genoeg vee aanwezig is in een bepaald gebied wordt alles wat beweegt en/of er aantrekkelijk uitziet aangevallen. Ze komen vooral voor in vochtige gebieden en op plaatsen waar naast zon ook schaduw aanwezig is, denk bijvoorbeeld aan een bomenrij naast het weiland. De larven van de daas ontwikkelen zich in laagstaand water, in modder, moeras, rottende plantdelen (mest). Dazen ontwikkelen zich langzaam (ongeveer 1 generatie per jaar), maar de volwassen vliegen komen vaak tegelijk uit, zodat er plagen op kunnen treden. Dit laatste heeft ook voordelen – wanneer de daas effectief wordt bestreden in deze periode, is het probleem het daarop volgende jaar sterk gereduceerd. De mannetjes voeden zich met nectar of plantensap.
100141
Wanneer de vrouwtjes jagen, strijken ze snel neer en bijten vrijwel onmiddellijk. Door de vorm van hun bek en monddelen – die bestaat uit tal van kleine mesjes en de huid als het ware opensnijden – kunnen zij dwars door dunne kledingstukken bijten. Een beet is pijnlijk, jeukt altijd en er is gevaar van bacteriële infectie aanwezig – welke meestal goed te behandelen is met antibiotica. Na een beet kunnen de dazen niet direct wegvliegen, zodat ze met een rollende beweging van bijvoorbeeld de hand gedood kunnen worden.

 

Kijk voor een doeltreffende oplossing naar de BliZzz Dazenval en BliZzz Kleefval

 

Levenscyclus

De eieren worden in hoopjes van enkele honderden tot duizend eitjes afgezet. Dat gebeurt meestal op planten die op een vochtige bodem staan, zoals natte weilanden, wegbermen en slootbodems. Afhankelijk van de klimatologische omstandigheden komen de eitjes na enkele dagen of pas na enkele weken uit. Soorten en steekgedrag De meest algemene dazensoorten zijn de runderdazen, paardendazen, regendazen en goudoogdazen.

 

Runderdazen en Paardendazen (Tabanus sudeticus) zijn middelgrote tot zeer grote dazen. Ze hebben grote ogen en een driehoekige kop en een breed bruin achterlijf. Ze steken paarden en koeien in de buik of tussen de schouderbladen: die plekken liggen buiten het bereik van de staart.
100228
Regendazen (Haematopota) zijn slank en grijs van kleur met een fijn vlekkenpatroon op vleugels en achterlijf. Deze steken meer in de poten. Sommige regendazen vallen mensen aan, zoals de Gewone Regendaas, die vooral bij een hoge luchtvochtigheid bijzonder hinderlijk kan zijn. Goudoogdazen (Chrysops) zijn vrij klein. Ze hebben vaak een gele vlek op het achterlijf en ogen die bij levende dieren groen iriserend zijn. Over het algemeen komen ze vor op vochtige heiden, hoogvenen en licht beboste terreinen, zelden ver van water af. De goudoogdaas steekt de mens minder vaak dan de regendaas. Voortplanting vindt plaats in modderige oevers en andere natte biotopen.

Een daas is geen horzel ! Er is een groot verschil tussen dazen en horzels: horzels steken niet maar ze leggen de eitjes op de onderbenen en manen / hals van het paard (je kan ze herkennen als kleine gele puntjes in de vacht). Deze eitjes komen uit en de larven worden door het paard opgelikt, waarna ze na een week of 4 in de maag belanden, daar hechten ze zich vast en komen dan aan het begin van het warme seizoen weer los en in de mest. Binnen een maand komt er uit de mest een volwassen horzel die zich binnen 3 weken gaat voortplanten.